donderdag 21 juni 2018

Wandeling St-Quay-Portrieux


Vandaag scheen eindelijk de zon weer eens. Er stond een aardig windje NNO5-6 en geheel tegen de richting in naar Guernsey of Sark, ons volgend doel. We besloten dan ook maar om een rustdag te houden om boodschappen te doen en een wandeling te maken. Na de nodige boodschappen te hebben gedaan in de ochtend, begonnen we in de middag aan een wandeling. St-Quay-Portrieux, in het Bretonse Sant-Ke-Porzh-Olued , ligt in het departement Côtes-d'Armor aan de noordkust van Bretagne. In feite bestaat St-Quay-Portrieux uit twee plaatsen: Saint-Quay en Portrieux, die in elkaar overlopen. Het is een toeristische badplaats, heeft behalve een jachthaven ook een vissershaven. Onze wandeling ging langs de droogvallende haven en boulevard naar het centrum van Portrieux, waar we een klein kerkje tegen kwamen, die helaas gesloten bleek. Na de wandeling door Portrieux kwamen we in St-Quay terecht. Het was vrij leeg op straat vanwege de middagsluiting. Alle winkeltjes waren dicht van 12:30 – 15:00 uur. Ook de kerk Église St-Quay was gesloten. Op het strand in St-Quay aangekomen was het drukker. Onze wandeling ging verder langs een fraai aangelegd kustpad, die langs diverse kliffen leiden. Deze kliffen stijgen tot 104 meter boven de zeespiegel uit en zijn de hoogste van Bretagne. We hadden dan ook steeds een fraai uitzicht over de kuststrook, de vele rotspartijen en mooie stranden. Tegenover het hoogste rotspunt van Saint-Quay waarop een semafoor stond en nu in gebruik is door de Franse Defensie, ligt op 1,8 km van de kust het rotsachtige eiland Île Harbour, waarop een vuurtoren staat. De vuurtoren wordt vanaf 1850 gebruikt om het rotsachtige plateau van de Saint Quay-eilanden op 1,2 km van de kust te markeren. Het geeft ook de toegang tot de haven van St-Quay-Portrieux aan. Even verderop wandelden we langs het eilandje Île de la Comtesse. De naam komt waarschijnlijk door een schenking in de 13de eeuw van een graaf aan de Bendictijnse monniken van Léon. In 1872 werd het gekocht door een particulier, die er een landhuis op wilde zetten en verschillende plantensoorten plantte, maar al zijn prachtige projecten werden nooit voltooid, waarschijnlijk vanwege geldgebrek. Aan het begin van de 20ste eeuw kwam het eiland in handen van de gravin van Calan wiens man de hoogste ambtenaar van Frankrijk was in Marokko. Er staat nog steeds tegenover het eiland een bouwwerk van Moorse architectuur met uitzicht op het Château de Calan, tegenwoordig het hotel Ker Moor. Sinds 1975 is het eiland eigendom van de gemeente en kan het bij eb vrij worden bezocht. In 2006 waren we in St-Quay-Portrieux voor de eerste keer en hebben toen het eiland uitvoerig bekeken. Vandaag was het vloed en het eiland moeilijk bereikbaar, zodat we weer terug gingen naar de boot, waar we vermoeid maar voldaan van alle mooie indrukken aankwamen. 's Avonds om negen uur kwam er nog een oud Frans zeiljacht van ca. 8 meter binnen, die naast ons wilden afmeren. Dat ging niet goed. Het jacht kwam half dwars te liggen en raakte ons achterschip. Door met man en macht het zeiljacht af te houden konden we erger voorkomen. Ook al eerder gezegd, Fransen kunnen kennelijk niet schipperen. Ze houden bij het invaren geen rekening met de wind en tevens breedte van de schepen, die er al liggen. De Franse schipper had beter een plek kunnen uitkiezen naast een smallere en kleinere boot en die waren er genoeg. De schipper wilde zijn NAW-gegevens al geven, maar gelukkig is het maar een kleine schram, die we wel weer zullen wegpoetsen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten