donderdag 31 mei 2018

Naar ons einddoel La Rochelle


Gisteravond kwam er een RIB van de Franse douane naast ons liggen met acht man aan boord. Even dachten we dat we ook gecontroleerd zouden worden, maar zeven man liepen naar de overige steigers en de achtste bewaakte de RIB. Vanochtend vertrokken we om kwart voor zeven voor het laatste traject naar ons einddoel van deze vakantie, La Rochelle met een afstand van 61 Nm. Het was zwaar bewolkt weer en vanochtend vroeg regende het nog. Nadat we de haven van Port Joinville waren uitgevaren, zagen we de Franse douaneboot liggen, waar de RIB gisteren vandaan kwam. We voeren er vlak langs en zwaaiden maar even. De wind was zuid tot zuidwest 3-4 en aan de wind zeilden we met ruim zeven knopen richting het eiland Ile de Ré. Om half tien kwam er een snelle motorboot ons tegemoet en voer op ons af. Het bleek weer een boot van de Franse douane te zijn, die kennelijk even bij ons kwam kijken. Gelukkig vervolgden ze hun weg. We hadden uiteraard geen zin in een uitgebreide controle op zee zoals in 2013 ter hoogte van de Roompot het geval was. De douane is in deze streek wel erg actief. Om tien uur passeerden we de landtong met het rotseilandje Grande Barge, waar een grote vuurtoren op stond. Er kwam ook een enorme bui van één tint grijs over ons heen. Daarna draaide de wind naar het zuidwesten en nam af naar 2-3 bft, zodat we de motor moesten bijzetten. Voor een Frans vissertje moesten we even uitwijken. Na weer een bui nam de wind weer wat toe en zeilden we weer verder. Er kwamen nogal wat zeilboten ons tegemoet. Kennelijk met hoog water bij Ile de Ré vertrokken. Bij de zuidpunt van Ile de Ré aangekomen, viel de wind weer weg en lagen we te schommelen op de uitgerekte deining van de oceaan. Na kort op de motor te hebben gevaren nam de wind weer toe tot 4-5 bft en zeilde de Carina enthousiast met ruim acht knopen langs Ile de Ré naar haar roots, La Rochelle, waar we om kwart over vijf aankwamen in de oude haven, genaamd de “Bassin d'Echouage”. Een sfeervolle ligplaats met een prachtig uitzicht op de twee oude historische torens, “Tour de la Chaine” en “Tour St. Nicolas”, die deze haven markeren. Onze Carina is weer even terug in haar geboorteplaats, waar ze in 2006 werd gebouwd en in 2007 werd afgeleverd. En morgen wordt het ook weer een mooie dag, dan ontmoeten we onze goede vrienden uit Nijkerk, die met hun caravan op vakantie zijn.

woensdag 30 mei 2018

Fietsen op het Franse eiland Ile d’Yeu


Fietsen op Ile d’YeuToen we opstonden regende het. Na een verfrissende douche en uitgebreid ontbijt vertrokken we om half twaalf met onze vouwfietsen om het noordelijk deel van het eiland Ile d’Yeu te verkennen. Het was inmiddels droog geworden, hoewel de bewolkte luchten er nog wel zorgwekkend uitzagen. We fietsten langs de droogvallende oude haven van Joinville richting het noorden. Langs de kust zag het er grillig uit. Rotsen, afgewisseld met duinen en zandstranden. Onderweg zagen we een hunebed genaamd "Dolmen des Petits-Fradets", gedateerd van 4500 tot 3500 voor Christus. Na een uur fietsen kwamen we bij de noordpunt van het eiland Pointe du But aan met uitzicht op fraaie rotspartijen. Het begon af en toe te miezeren. Na onze regenjacks te hebben aangetrokken vervolgden we onze tocht. Na een half uur hield de miezerregen op en konden de jassen weer uit. Even later kwamen we bij de imposante witte vuurtoren Le Grand Phare aan. Deze was helaas vandaag gesloten en fietsten we weer verder langs de rotsachtige kust richting het zuidoosten. Bij het mooie okergeel gekleurde zandstrandje tussen de hoge rotsen Plage Des Sabias namen we even een rustpauze. Niet ver er vandaan lag de oude kasteelruïne “Vieux Chateau”. Het was nog lastig om daar te komen. We hadden een voetpad genomen, dat niet geschikt was voor fietsen. Soms moesten we de fietsen over rotspartijen heen tillen. Maar uiteindelijk kwamen we dan toch nog bij “Vieux Chateau” aan, die helaas ook vandaag gesloten bleek. En dus vervolgden we onze fietstocht naar Port de la Meule. Port de La Meule is een idyllisch natuurlijk haventje beschermd door een natuurlijke rotsachtige barrière. Echt van een andere tijd. Het heeft een sfeervolle kleine kade. Na hier ook even gerust te hebben vanwege het fraaie uitzicht, fietsten we naar de oude kapel “Chapelle de La Meule” genaamd, die boven de haven op een rotspartij was gebouwd. Weer op weg naar onze boot kwamen we nog langs de katholieke kerk “Eglise de Saint Sauveur” in de plaats L'Ile-d'Yeu, gebouwd tussen de 11e en 12e eeuw. Maar in 1953 door de bliksem getroffen en later weer gerenoveerd. Om kwart over vier kwamen we vermoeid maar voldaan met al onze nieuwe indrukken weer terug op onze boot. Morgen is de laatste etappe naar La Rochelle, ons einddoel met een afstand van 61 Nm.

dinsdag 29 mei 2018

Van Port Haliguen naar Port Joinville


Om half zeven toen we opstonden, regende het al zoals voorspeld was. Gewapend met onze Musto-pakken verlieten we de jachthaven op weg naar Port Joinville, 56 Nm vanaf Port Haliguen. Er stond nauwelijks wind uit het noorden, 2 tot 3 bft. En op motor en grootzeil passeerden weer de vuurtoren La Teignouse gelegen op een uitstekende rots. We moesten eerst tussen het schiereiland Quiberon en de vele rotseilandjes heen slalommen ,alvorens we tussen de eilanden Belle-Ile en Houat onze koers konden zetten op Joinville. Na een uur brak de bewolking en hield de regen ermee op. Tegen tien uur begon de zon zelfs te schijnen, maar even later trok er achter ons een bui langs. De wind trok aan naar 4 bft en konden we met schijnbare halve wind weer zeilen. Met ruim 7 knopen over het water maakten we goede vorderingen. Om twaalf uur was het over met de pret. De wind zwakte af naar 2 bft en moesten we de motor weer bijzetten. Even later was de wind volledig weg en de oceaan spiegelglad en kregen we als verstekelingen een aardige hoeveelheid vliegen aan boord. Wat die op de oceaan doen, weet niemand. Om twee uur staken we Chenal d'Acces over, die naar de plaats St. Nazaire voert. Om kwart over vijf kwamen we in Joinville aan. In het hoogseizoen schijnt het hier erg druk te zijn. Maar nu waren er voldoende vrije ligplaatsen. Morgen blijven we een dag hier om het eiland Ile d'Yeu te verkennen.

maandag 28 mei 2018

Fietsen op het schiereiland Quiberon


Het was mooi weer vandaag. De zon scheen uitbundig. We besloten om met onze vouwfietsen het schiereiland Quiberon te verkennen, waarop tevens de plaats Quiberon gelegen is. Quiberon is bekend als vakantiebestemming voor strandvakanties en watersport. Port-Haliguen is de haven van Quiberon. Het is oorspronkelijk een vissershaven geweest, maar vanwege de toegenomen watersport heeft het een grote jachthaven. We vertrokken tegen twaalf uur op onze bromptons. Het kleine oude vissershaventje waar we langs kwamen, lag inmiddels droog. We besloten een fietstocht gedeeltelijk langs de zuidkust te maken richting vissershaventje Port Maria. De wilde kust bestaat voornamelijk uit rotsen, maar ook uit duinen en vrij grote stranden. In de middag kwamen we bij Port Maria aan. Het was gezellig druk op de boulevard met de vele restaurantjes. Uit de haven vertrok net op dat moment de veerboot naar Belle-Ile, terwijl in de verte de andere veerboot vanuit Belle-Ile er ook al aankwam. Na op een paar fraaie locaties met uitzicht gerust te hebben, fietsten we het plaatsje Quiberon in en bekeken de kerk Notre-Dame de Locmaria. De huidige kerk werd gebouwd van 1900 tot 1902. De vorige kerk is geheel vernietigd. Van binnen was deze ook niet zo bijzonder. Na de nodige boodschappen fietsten we terug naar onze boot. Morgen gaan we naar Port Joinville, gelegen op het eiland Ile d’Yeu, ca. 56 Nm vanaf Port Haliguen.

zondag 27 mei 2018

Van Loctudy naar Port Haliguen


We verlieten de jachthaven van Loctudy om kwart voor acht in de ochtend. Gisteravond kwamen nog een Engels en Frans jacht in de boxen naast ons liggen. Drie Fransen waren met vakantie op Ile de Groix geweest en op de terugweg naar hun thuishaven Brest. Het was licht bewolkt weer en er stond zwak windje van 2 bft uit het zuiden en dus nagenoeg tegen. Op motor en grootzeil volgden we de route naar Port Haliguen, dat aan het schiereiland Presqu'ile de Quiberon ligt en langs verschillende rotsachtige eilanden loopt, waar Ile de Groix de grootste van is. Naar Port Haliguen is het vanaf Loctudy 54 Nm. Het vaargebied in Zuid-Bretagne is erg mooi, heeft vele eilanden, en het is dus ook niet verwonderlijk dat in deze streek er zo veel jachthavens zijn. Onderweg kwamen we Jan van Genten en Guillemots tegen. Iets voor Vroege Vogels. Om negen uur passeerden we het kleine rotseiland Ile Aux Moutons. Tegen tien uur voeren we onder de bewolking uit en begon de zon te schijnen. Op AIS zagen we dat de Denen uit Zeebrugge inmiddels in Cascais in Portugal waren aangeland. Om één uur kwamen we langs Ile de Groix, die we op terugweg willen aandoen en bekijken. Bijna voeren we over een balletje waar een lijn met een kreeftenkorf aan vast zat. We hebben al eens zo een lijn in de schroef gehad in 2007 bij Falmouth en de Carina toen gekraand moesten worden om de lijn uit de schroef te verwijderen. Om drie uur 's middags rondden we het schiereiland Presqu'ile de Quiberon richting Port Haliguen. Ten zuiden hiervan lig het eiland Belle-Ile. Op de terugweg willen we ook dit eiland bezoeken. Om vijf uur voeren we de jachthaven van Port Haliguen binnen en werden we opgevangen door de havenmeester, die ons een plek aan een langssteiger gaf. Volgens de havenmeester waren vanwege grootschalige renovatie er momenteel weinig ligplaatsen voor passanten beschikbaar. Morgen blijven we hier om de omgeving te verkennen.

zaterdag 26 mei 2018

Bezoek Loctudy


Vandaag zouden we Loctudy bekijken. Het was bewolkt weer en tevens regen voorspeld. Loctudy is een vissershaven en badplaats in Bretagne aan de monding van de rivier Pont-l'Abbé . Het plaatsje maakt deel uit van het departement Finistère en ligt op het schiereiland Penmarc’h. De elementen van de oude Bretonse cultuur en de Bretonse taal is nog steeds in gebruik. De naam Loctudy betekent "plaats of hermitage van Saint Tudy". De vissershaven is belangrijk en is gespecialiseerd in langoustines, die “La Demoiselle De Loctudy” wordt genoemd. De haven groeide vanwege zijn beschermde ligging tegen de heersende zuidwestelijke wind. Het schiereiland Penmarc’h heeft de grootste visserij in Frankrijk. De jachthaven werd gebouwd in 1991 en heeft ca. 661 ligplaatsen. Na betaling aan de havenmeester in "Bureau du Port" bezochten we in het kleine centrum de stevig gebouwde Romaanse kerk uit de elfde eeuw, gewijd aan de monnik St. Tudy, die uit Engeland kwam. Daarna kwamen we langs een gezellig pleintje en wandelden we langs de rotsachtige en tevens ook zanderige kust weer terug. Er stonden vele oude vervallen villa’s, die met hun tuin aan het rotsachtige strand grensden. Niet lang daarna begon het te regenen en besloten we terug te keren naar onze boot. Omstreeks vier uur hield het op met regenen. Morgen gaan we naar Port Haliguen, een afstand van 54 Nm. en zijn dan nog twee stops verwijderd van La Rochelle. 

vrijdag 25 mei 2018

Naar Loctudy met een bijna-aanvaring


Om negen uur verlieten we de Marina Camaret. Het was wederom mooi weer. De zon scheen en de wind was opnieuw noord tot NO-3. De Noor achter ons zwaaide ons hartelijk uit met “Have a save journey”. Dat “save journey” bleek al heel snel van toepassing. Vlakbij de uitgang van de haven maakte plotseling een Engels zeiljacht zich los van een steiger en kwam dwars voor onze Carina te liggen op minder dan een scheepslengte. Met volle kracht achteruit probeerden we een aanvaring te vermijden, maar de Flexofold-klapschroef en het lage toerental van de Yanmar-keerkoppeling in de achteruitstand, zorgden voor een traag rem-effect. Langzaam verminderde de Carina vaart richting het Engels jacht. Inmiddels had de Engelse schipper ook volle kracht achteruit gegeven met als resultaat dat zijn jacht met de achtersteven op de steiger knalde. Gelukkig konden we op een tiental centimeters na een aanvaring vermijden. Zelf probeer je je schip zo heel mogelijk te houden en dan door een ander jacht zou je fikse schade oplopen. De Engelse schipper verontschuldigde zich meermalen met “I am very sorry”. Bemanning van een Frans jacht, dat in de buurt lag en alles had gezien, zag ons zuchten van verlichting en riep ons bemoedigend toe “Have a nice day”. Gelukkig had nu degene, die de bijna aanvaring veroorzaakte alleen zelf schade, maar het had ook ons kunnen treffen. En daar gaat je vakantie dan. Na van de schrik bijgekomen, zeilden we met een noordoosten wind 3-4 bft. over een rustige oceaandeining langs Pointe du Toulinguet, gemarkeerd door een fraaie witte vuurtoren, richting Raz de Sein. Raz de Sein staat bekend vanwege flinke stromingen tussen de landtong Pointe de Sein en het eiland Ile de Sein. Op youtube staat een heftig filmpje waarbij tijdens een storm de vuurtoren in zijn geheel overspoeld wordt door de hevige branding. Om het tij hier mee te hebben, moesten we tussen één en twee uur pas aankomen. Iets te vroeg om één uur rondden we in een knobbelige zee de vuurtoren van Raz de Sein. De wind was toegenomen naar noord tot NO4-5 en zo zeilden we met 8,5 knopen richting Pointe de Penmarch, de laatste landtong, die we moesten ronden naar de havenplaats Loctudy toe . Omstreeks vijf uur passeerden we Pointe de Penmarch. Even later verdween de wind en op motor en grootzeil kwamen we om kwart over zeven in de marina van Loctudy aan, waar we op het land even verderop een stevig onweersbui zagen en hoorden. Morgen gaan we het vissersplaatsje Loctudy bekijken.

donderdag 24 mei 2018

Rustdag in Camaret


Toen we opstonden was het licht bewolkt. Na een heerlijke douche en ontbijt maakten we om half twaalf een wandeling naar en langs het kustpad richting Pointe de Penhir. Deze wandeling hadden we in 2013 al een keer gemaakt, zodat we nu besloten om de wandeling voor de helft in te korten. Inmiddels was de zon gaan schijnen en werd het zelfs warm. De eerste echte warme dag in Frankrijk. Na eerst bij het havenkantoor betaald te hebben, kwamen we langs de toren van Vauban, die ooit als vestingwerk is gebouwd. In 2013 was de toren in restauratie en konden we dit vestingwerk niet bekijken, maar ook vandaag bleek deze helaas gesloten. Het naast gelegen kerkje Notre-Dame-de-Rocamadour was wel open. De huidige kapel werd gebouwd tussen 1610 en 1683. In 1910 vernietigde een brand alle meubels en het frame. Weer buiten hadden we aanblik op het scheepskerkhof dat er in 2013 ook al was. Diverse oude vissersboten liggen op het strand weg te rotten. Op weg naar het kustpad hadden we een mooi uitzicht op de baai van Camaret Sur Mer, waar een klassieke tweemaster drooggevallen was. De wandeltocht boven op de kliffen was spectaculair met fantastische panorama’s op de kliffen, rotspartijen en de Rade van Brest. We kwamen langs de de ruïnes van het landhuis van Pierre Paul Roux, een dichter. Hij was een voorloper van de surrealistische beweging, keerde zich af van het literaire milieu van Parijs en vestigde zich in juni 1905 met zijn vrouw en kinderen in dit herenhuis dat hij op de klif van Pen Hat bouwde, In 1944 werd deze “manoir” plat gebombardeerd door de Duitsers. Na deze wandeling deden we de nodige boodschappen bij een supermarkt in het plaatsje Camaret en gingen we weer terug naar onze boot, waar de lokale brandweer met duikoefeningen bezig was en zelfs onze boot tijdelijk had geconfisceerd om daar spullen op te leggen. Na een “pardonnez” haalden ze de toebehoren weg en konden we op onze boot stappen. De Noor achter ons maakte nog een grapje dat het nu wel veilig was in de haven. Morgen willen we verder naar het zuiden richting Loctudy, een afstand van 54 Nm.