woensdag 20 juni 2018

In dichte mist naar St-Quay-Portrieux


Donderdag zou de wind aantrekken naar NW 6-7 volgens de weersvoorspelling. De dagen erna zou de wind naar het oosten draaien. Niet goed voor onze terugtocht. We hadden drie opties vandaag. Oversteken naar de Salcombe River in Engeland, een afstand van 90 Nm. Optie twee: Naar Guernsey, een afstand van 71 Nm. Of naar St-Quay-Portrieux, een afstand van 58 Nm. Gezien de wind over een paar dagen uit het oosten komt, leek St-Quay-Portrieux de beste optie, omdat de koers vanaf deze locatie naar Guernsey of Alderney noord is. Bovendien was het tij die richting ook gunstig, want om acht uur zouden we de stroom meekrijgen. We stonden om kwart over zes op. Er stond vandaag weinig wind en het miste behoorlijk buiten. Om half acht verlieten we de jachthaven van Roscoff. Een paar minuten eerder was ook een Frans zeiljacht vertrokken. We moesten ruim voor acht uur weg zijn in verband met de aankomst van de veerboot op dat tijdstip. In de haven hadden we nog enig zicht, maar buiten op zee was het potdicht. Op radar en AIS met verlichting aan, koersten we op de motor richting St-Quay-Portrieux. Om kwart voor acht hoorden we een aantal malen een hard aandachtssein en inderdaad op onze AIS en radar zagen we op nog geen halve mijl achter ons de veerboot aankomen. Even later zagen we op onze radar iets voor ons dat met ons meevoer, maar die we wel inhaalden. Toen we op ca. 200 meter genaderd waren, zagen we een silhouet van een zeiljacht uit de mist opdoemen en bleek dit het Franse zeiljacht te zijn, dat een paar minuten voor ons vertrokken was. Ook zagen we diverse andere voorwerpen op de radar om ons heen. Vaag zagen we donkere vlekken in de mist op nog geen 200 meter afstand. Het bleken sportvissertjes te zijn in kleine bootjes, die aan het vissen waren. De Fransman van het Franse zeiljacht zag dat kennelijk ook en greep zijn toeter om een paar maal hard een aandachtssein te geven. Daarna verdween ook het Franse zeiljacht weer achter ons in de mist. Er stond nog steeds een oceaandeining en in de mist leek deze wel twee keer zo groot, wat het een merkwaardig effect gaf. We voeren langs diverse rotseilandjes, die we niet zagen. Ook een ander zeiljacht haalden we in, die we even vaag naast ons zagen varen. Om twaalf uur passeerden we de monding van de rivier de Tréguier, waar de gelijknamige plaats aan ligt. Om één uur rondden we de eilandengroep Île-de-Bréhat in de monding van de rivier de Trieux waar de plaats Lézardrieux aan ligt. Beide plaatsen hebben we in 2009 bezocht met onze toenmalige Bavaria 36. De deining was zo goed als verdwenen. Even klaarde het soms op. Maar dat duurde enkele seconden en daarna zat de boel weer potdicht. Om half drie passeerden we Paimpol, die we in 2013 met onze huidige Carina hebben bezocht. Ongeveer anderhalve mijl voor St-Quay-Portrieux kwam opeens een vrij grote vissersboot uit de mist op ons af varen. We waren net even bezig om de boot alvast met stootwillen voor het afmeren gereed te maken en hadden geen aandacht voor de radar. Om vier uur kwamen we in de jachthaven van St-Quay-Portrieux aan en meerden we af in een lege box. De havenmeester kwam met zijn RIB aanvaren en vroeg of alles naar wens was. De mist was in de haven iets minder. Daarbuiten zat het nog steeds potdicht. Een paar Fransen op de steiger vroegen waar we vandaan kwamen en hoe het buiten was. Ze waren verbaasd dat we in de dichte mist en alleen op motor vanaf Roscoff waren gekomen. Nou we hebben wel grotere afstanden in de mist gevaren, waarbij we ook nog de drukke verkeersstraat in Het Kanaal overstaken. Dat was van Alderney naar Portland in 2009 en pas echt bizar met al die grote zeeschepen die voor en achter ons langs gingen zonder dat we ze zagen. We hadden toen ook nog geen AIS-transponder, alleen Radar en AIS-ontvanger. Bij het havenkantoor stonden we nog geregistreerd. In 2006 zijn we met onze Bavaria 36 hier geweest, toen we de Kanaaleilanden en St. Malo bezochten. Morgen maar een rustdag.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten