Donderdag zou de
wind aantrekken naar NW 6-7 volgens de weersvoorspelling. De dagen
erna zou de wind naar het oosten draaien. Niet goed voor onze
terugtocht. We hadden drie opties vandaag. Oversteken naar de
Salcombe River in Engeland, een afstand van 90 Nm. Optie twee: Naar
Guernsey, een afstand van 71 Nm. Of naar St-Quay-Portrieux, een
afstand van 58 Nm. Gezien de wind over een paar dagen uit het oosten
komt, leek St-Quay-Portrieux de beste optie, omdat de koers vanaf
deze locatie naar Guernsey of Alderney noord is. Bovendien was het
tij die richting ook gunstig, want om acht uur zouden we de stroom
meekrijgen. We stonden om kwart over zes op. Er stond vandaag weinig
wind en het miste behoorlijk buiten. Om half acht verlieten we de
jachthaven van Roscoff. Een paar minuten eerder was ook een Frans
zeiljacht vertrokken. We moesten ruim voor acht uur weg zijn in
verband met de aankomst van de veerboot op dat tijdstip. In de haven
hadden we nog enig zicht, maar buiten op zee was het potdicht. Op radar
en AIS met verlichting aan, koersten we op de motor richting St-Quay-Portrieux. Om kwart voor acht hoorden we een aantal malen een
hard aandachtssein en inderdaad op onze AIS en radar zagen we op nog
geen halve mijl achter ons de veerboot aankomen. Even later
zagen we op onze radar iets voor ons dat met ons meevoer, maar die we
wel inhaalden. Toen we op ca. 200 meter genaderd waren, zagen we een
silhouet van een zeiljacht uit de mist opdoemen en bleek dit het
Franse zeiljacht te zijn, dat een paar minuten voor ons vertrokken
was. Ook zagen we diverse andere voorwerpen op de radar om ons heen.
Vaag zagen we donkere vlekken in de mist op nog geen 200 meter
afstand. Het bleken sportvissertjes te zijn in kleine bootjes, die
aan het vissen waren. De Fransman van het Franse zeiljacht zag dat
kennelijk ook en greep zijn toeter om een paar maal hard een
aandachtssein te geven. Daarna verdween ook het Franse zeiljacht weer
achter ons in de mist. Er stond nog steeds een oceaandeining en in de
mist leek deze wel twee keer zo groot, wat het een merkwaardig effect
gaf. We voeren langs diverse rotseilandjes, die we niet zagen. Ook
een ander zeiljacht haalden we in, die we even vaag naast ons zagen
varen. Om twaalf uur passeerden we de monding van de rivier de
Tréguier, waar de gelijknamige plaats aan ligt. Om één uur rondden we
de eilandengroep Île-de-Bréhat in de monding van de rivier de Trieux
waar de plaats Lézardrieux aan ligt. Beide plaatsen hebben we in 2009 bezocht
met onze toenmalige Bavaria 36. De deining was zo goed als verdwenen.
Even klaarde het soms op. Maar dat duurde enkele seconden en daarna
zat de boel weer potdicht. Om half drie passeerden we Paimpol, die we
in 2013 met onze huidige Carina hebben bezocht. Ongeveer anderhalve
mijl voor St-Quay-Portrieux kwam opeens een vrij grote vissersboot
uit de mist op ons af varen. We waren net even bezig om de boot
alvast met stootwillen voor het afmeren gereed te maken en hadden
geen aandacht voor de radar. Om vier uur kwamen we in de jachthaven
van St-Quay-Portrieux aan en meerden we af in een lege box. De
havenmeester kwam met zijn RIB aanvaren en vroeg of alles naar wens
was. De mist was in de haven iets minder. Daarbuiten zat het nog
steeds potdicht. Een paar Fransen op de steiger vroegen waar we
vandaan kwamen en hoe het buiten was. Ze waren verbaasd dat we in de
dichte mist en alleen op motor vanaf Roscoff waren gekomen. Nou we
hebben wel grotere afstanden in de mist gevaren, waarbij we ook nog
de drukke verkeersstraat in Het Kanaal overstaken. Dat was van
Alderney naar Portland in 2009 en pas echt bizar met al die
grote zeeschepen die voor en achter ons langs gingen zonder dat we ze
zagen. We hadden toen ook nog geen AIS-transponder, alleen Radar en AIS-ontvanger. Bij het havenkantoor stonden we nog geregistreerd.
In 2006 zijn we met onze Bavaria 36 hier geweest, toen we de
Kanaaleilanden en St. Malo bezochten. Morgen maar een rustdag.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten