Om acht uur vanochtend verlieten we Port Tudy op Île de
Groix naar Concarneau, een Franse plaats op het vasteland. De afstand was ca.
25 Nm. Er stond een zwakke wind uit het noorden 2-3 bft. Het was beter weer dan
gisteren. De zon scheen en we zeilden aan de wind met ruim 6 knopen richting
Concarneau. Halverwege draaide de wind naar het noordwesten en nam tijdelijk af
naar 1 bft, zodat we de motor moesten bijzetten. Niet lang daarna trok de wind
weer aan tot 2-3 bft, maar geheel tegen. We besloten dan ook maar om op de
motor door te varen. We kwamen om één uur aan en meerden af in een vrije box
aan de ”Visiteurs” steiger. Daarna bezochten we in korte tijd het vestingstadje. De oude
binnenstad van Concarneau, “La Ville
Close”, ligt op een eiland in de natuurlijke haven en is nog geheel
omsloten door de oude stadsmuren, die vanaf de 13de en 14de
eeuw al waren gebouwd. De stadsmuur en toren werden in de 16e eeuw vernieuwd en
in de 17e eeuw voor de artillerie omgebouwd. Via een brug en stadspoort is het
eiland met de andere delen van stad verbonden. Binnen de stadsmuur wandelden we
door de gezellig drukke nauwe straatjes met vele winkels en restaurantjes. Terug
hadden we vanaf de oostelijke stadsmuur een prachtig uitzicht op de vissershaven en omgeving.
We kwamen langs de toren "Tour au Vin" met een vierkantige kanonsopening, die afstamt uit de 15de eeuw. De wijn werd vroeger via deze toren vanuit de haven binnengebracht. Concarneau is de derde vissershaven van Frankrijk met een flinke plaatselijke
vloot, een visafslag en twee scheepswerven. Vanwege de nodige boodschappen
besloten we om morgen het overige deel van het oude vestingstadje te bekijken, Terug
op de boot kwam er naast ons een Engelse motorsailor te liggen. Het Britse echtpaar woont in
Exeter en is voor vijf maanden met hun Nauticat op vakantie. Dat is nog eens
wat anders dan de twee maanden, die wij aan onze vakantie besteden. Vanavond
bekijken we welk deel van het oude stadje we nog willen bezichtigen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten